Taalcontact en taalplanning

Prof. dr. Rik Vosters


Algemeen

Het opleidingsonderdeel Taalcontact en taalplanning omhelst:

– 26 contacturen hoor- en werkcollege, waaronder gastcolleges

– 75 uren zelfstudie

– 6 studiepunten (180 uur studietijd)

Het college vindt plaats in het 1ste semester, op dinsdag 11-13 uur. Voor de meest actuele collegeroosters en lokalen kan je terecht op my.vub.


Korte inhoud

In dit studiedeel op masterniveau staat de concepten taalcontact en taalplanning vanuit een voornamelijk taalsociologisch perspectief centraal. Eerst worden tijdens enkele inleidende hoorcolleges cruciale basisconcepten omtrent taalplanning en taalbeleid, taalcontact, minderheidstalen en maatschappelijke meertaligheid, en taalshift en taalbehoud herhaald en uitgediept. De belangrijkste thema’s en theorieën in de betrokken domeinen worden geillustreerd aan de hand van enkele relevante gevalstudies uit het Nederlandse taalgebied. Mogelijk vindt in dit kader ook een gastcolleges plaats.

Vervolgens gaan de studenten zelf in kleine groepen aan de slag om een onderzoeksproject rond minderheidstalen en taalplanning of taalcontact op te zetten en uit te voeren. Ze werken hierbij een of meerdere relevante onderzoeksvragen in de betrokken domeinen uit, en kiezen een gemeenschap van minderheidstaalsgebruikers in of rond Brussel als uitgangspunt voor hun onderzoek. Aan de hand van zelf uitgewerkte en afgenomen enquêtes en/of kwalitatief onderzoek (bijv. interviews, focusgesprekken, …) brengen ze vervolgens enkele relevante aspecten van taalplanning, taalcontact of taalgebruikspatronen in een meertalige, stedelijke context voor de gekozen taalgemeenschap in kaart. Tijdens een reeks interactieve seminaries en een referaat presenteren ze hun case study aan hun medestudenten, en worden enkele toepasselijke vragen en discussiepunten voorgelegd. Dit referaat wordt op basis van de gegeven feedback vervolgens verder uitgewerkt tot een wetenschappelijke paper over het gekozen onderwerp.


Collegeplanning

Voorlopige planning - onder voorbehoud van wijzigingen in de loop van het semester.

3 okt.     

Algemene inleiding

10 okt.

(geen college - treinstaking)

17 okt.     

Taalgebruik; Taalplanning

24 okt.     

Taalplanning; Taalideologieën

31 okt.     

(geen college)

7 nov.     

Integratie en eigen onderzoek; Korte stand van zaken eigen onderzoek

14 nov.     

Gastcollege Rudi Janssens: Talen en taalgebruik in Brussel

21 nov.     

Bezoek Brussel Onthaal ---> vervalt / open spreekuur

Ma. 27 nov., 11-13 uur, lokaal D.3.05

Gastcollege Stefaan Van der Jeugt: Taalbeleid en het recht in de EU

5 dec.     

(geen college)

12 dec.     

Referaten (1)

19 dec.     

Referaten (2)


12/dec     Anke Poisquet, Michaël Minner, Astrid Nelissen en Giel Janssens

12/dec     Danila Dasque en Lotte Vermeire     

12/dec     Maya Callizaya & Lieselotte Gevens     

19/dec     Annick Abessolo, Liv De Ceuster en Céline Legat          

19/dec     Eline Lismont & Helena Van Praet     


Studiemateriaal

In de loop van het semester zal gaandeweg via Pointcarré relevante vakliteratuur en aangewezen lectuur ter beschikking worden gesteld, naast slides en hand-outs bij de inleidende colleges. Deze onderzoeksartikels en boekhoofdstukken kunnen, in combinatie met de slides en hand-outs bij de hoorcolleges, dienen als uitgangspunt voor een verdere studie van de relevante vakliteratuur.

Typ- of andere fouten in de slides of het lesmateriaal mogen steeds gemeld worden via: http://www.rikvosters.be/errata.


Assessment

De evaluatie voor dit college bestaat uit de volgende twee onderdelen:

– Referaat en tussentijdse presentatie (30% van het eindcijfer)

– Onderzoekspaper (60% van het eindcijfer)

– Mondeling examen (10% van het eindcijfer)

De evaluatie van het referaat gebeurt door ‘co-assessment’: dit betekent dat de medestudenten, de sprekers zelf en de docent samen instaan voor de evaluatie. Participatie in de colleges kan in rekening worden genomen (±20% van het eindcijfer voor dit evaluatieonderdeel).

De paper vormt een grondige wetenschappelijke studie op basis van een onderzoeksproject over het gekozen onderwerp. Met deze paper dienen de studenten blijk te geven van een gedegen theoretisch inzicht in het betrokken onderzoeksveld evenals een diepgaande kennis van de concrete taalplanningssituatie die wordt besproken. Mogelijke commentaren of feedback die tijdens het referaat werden gegeven, dienen in de paper te worden verwerkt.  

Tijdens het mondeling examen worden de ingediende onderzoekspaper en het referaat kort besproken, en krijgen de studenten de kans om hier verdere toelichting bij te geven. Indien gewenst, wordt een korte voorbereidingstijd van 5 à 10 minuten per student voorzien.

Verdere modaliteiten over de opdrachten en evaluatievormen kan worden teruggevonden in de slides van de hoorcolleges.

Bij een examen in de tweede zittijd (tweede examenkans) bestaat het eindcijfer enkel uit de onderzoekspaper (90%) en een mondeling examen (10%).

Indien studenten niet aan elk van de aparte evaluatieonderdelen deelnemen, zal het eindcijfer voor het opleidingsonderdeel als geheel een afwezigheidscijfer zijn.

Late indieningen van opdrachten, taken of papers worden tot 48 uur na de deadline aanvaard. Voor een indiening tot 24 uur na de in het college opgegeven deadline wordt het behaalde deelcijfer met 15% verminderd, en voor een indiening tussen 24 en 48 uur na de deadline wordt het behaalde deelcijfer met 30% verminderd. Indieningen die meer dan 48 uur na de deadline worden ontvangen, worden niet gequoteerd en worden als afwezigheidscijfers ingevoerd. Alle opgegeven deadlines gelden zowel voor digitale als voor papieren indieningen.


Leerdoelstellingen

1. De studenten kunnen relevante theorieën, concepten en begrippen uit de taalcontactliteratuur herkennen, situeren en duiden, en kunnen deze theoretische kennis in verband brengen met de diverse gevalstudies. [Dublin-descriptor NVAO: toepassen kennis en inzicht]

2. De studenten beschikken over de vereiste wetenschappelijke zelfstandigheid om een grondige studie van vakliteratuur rond een gespecialiseerd onderwerp en een eigen empirisch onderzoek naar een bijhorend thema uit te voeren, en om kritische en inzichtvolle vragen en opmerkingen hierover te formuleren. [Dublin-descriptor NVAO: leervaardigheden]

3. De studenten kunnen een kritische synthese maken van de geraadpleegde vakliteratuur en hun eigen empirische inzichten, waarbij een balans wordt gevonden tussen theoretische en methodologische inzichten enerzijds en een grondige empirische beschrijving of analyse van een taalplannings- of taalcontactfenomeen binnen een gekozen minderheidstaalgemeenschap anderzijds. [Dublin-descriptor NVAO: toepassen kennis en inzicht + oordeelsvorming]

4. De studenten kunnen met een referaat en in een discussie op heldere en gepaste wijze rapporteren over hun inzichten en bevindingen. Ze kunnen zich vlot uitdrukken in het Standaardnederlands en maken correct gebruik van de relevante vakterminologie. [Dublin-descriptor NVAO: communicatie]

5. Daarnaast zijn de studenten eveneens in staat om hun inzichten en bevindingen uit een kritische literatuurstudie helder en accuraat uiteen te zetten in een wetenschappelijke paper opgesteld in een rijk en gepast register van het Standaardnederlands.[Dublin-descriptor NVAO: communicatie]


Contact

Titularis: Prof. dr. Rik Vosters

– afspraken: www.rikvosters.be/afspraak (wekelijks wisselende spreekuren)

– kantoor: B.5.445

– telefonisch: 02/629 26 55

– voor of na de colleges, of tijdens de pauze

Opgelet:

– enkel korte ja/nee-vragen of vastleggen afspraak per e-mail

– persoonlijke afspraak voor omslachtigere vragen

Blokpermanentie en examenfeedback:

– op diverse dagen tijdens de blok- en examenperiode, evenals tijdens de lesvrije week

– aanmelden via www.rikvosters.be/afspraak

– let op: beperkte beschikbaar voor vragen, e-mails of afspraken tussen 16 juli en 19 augustus